Reken les over meten groep 6a
10 april 2012

We mochten met een maatje allerlei opdrachten doen over:

Inhoud
Je moest met liter deciliter centiliter of milliliter. Wat moest je doen:
Je moest eerst schatten hoeveel er in een flesje kon. En dan moest je met een maatbeker meten hoeveel er in kon. Je had een werkboekje waar je het in kon vullen. En dat moest je ook met andere dingen doen zoals: kopje koffie - flesje frisdrank - klein flesje - vaas - eetlepel - en een theelepel.

Tijd en snelheid
Wat moest je doen: je moest opzoeken hoe snel een voertuig ging. je kon het opzoeken op de computer of in boeken. Zoals hoe hard een trein gaat. Rondje om school rennen.

Gewicht
We moesten eerst schatten hoe zwaar het voorwerp was. En daar na moest je wegen hoe zwaar het was en je kon wegen met een:brievenweger keukenweegschaal en een personenweegschaal.

Lengte
Wat moest je doen:je moest eerst de lengte schatten van een deur bijvoorbeeld. En dan moest je het meten als je het niet kon meten moest je alleen maar schatten. Bijvoorbeeld de boom op het schoolplein. En dan in je werkboekje opschrijven.

Oppervlakte
Wat moest je doen:je moest naar buiten je moest meenemen:stoepkrijt en een liniaal van 1m. Je moest eerst met stoepkrijt 1 vierkante meter tekenen. Toen moest je kijken hoeveel tegels van 50 bij 50 cm erin passen. Toen moest je een vlak van 1 vierkante decimeter En als laatst moest je 12 vierkant meters tekenen en 6 vierkante meters .

Geschreven door Lucas en Bjorn.